Voor alle hulpverleners wens ik een eindeloze draagkracht.

Ingediend door sociaal werker op di, 18/02/2020 - 15:39
hands in heart shape

De besparingsplannen van onze welzijnsminister Wouter Beke zijn niet onbekend binnen het hulpverleningslandschap. Deze besparingsplannen maken heel veel hulpverleners boos. Het gevoel dat het water aan de lippen stond bij de hulpverlener is ingewisseld door het gevoel helemaal kopje onder geduwd te worden.

Als hulpverlener binnen het CAW heb ik al verschillende klappen mogen incasseren. De ene klap kon ik al beter verdragen dan de andere. De mensen die bij ons komen aankloppen voor hulp delen ons ook de nodige klappen uit, zowel letterlijk als figuurlijk. Mensen komen bijna moe gestreden bij ons aan de deur kloppen met het laatste strohalmpje hoop. Wanneer wij deze mensen moeten antwoorden dat wij ze wel kunnen helpen, maar dat er ellenlange wachtlijsten bestaan voelen ze zich machteloos en boos. Volgens hen hebben wij geen begrip voor hun problemen en moeten ze door onze schuld lang wachten op de gepaste hulp. Dit komt hard aan, maar vanuit hun gevoel te begrijpen. Dit is een voorbeeld van zo'n klap die we moeten incasseren. Gelukkig is onze huid met de jaren wat steviger geworden en krijgen we dit wel weer geplaatst.

Wat betreft de besparingsplannen van onze welzijnsminister ligt dit toch net iets gevoeliger. Er wordt van ons verwacht dat wij nog harder gaan werken, maar hier krijgen we niets extra's voor. Integendeel juist. Ze gaan besparen in onze sector. We gaan juist veel meer moeten doen met minder middelen. Dit roept bij mij een gevoel op van weinig respect. Ik krijg ook het idee dat de minister mijlenver van ons werkgebied afstaat waardoor hij weinig zicht heeft op wat wij effectief doen.

Ik vind het belangrijk om toch ook even aan te geven dat het voor ons als hulpverleners belangrijk is dat wij de nodige steun kunnen voelen van beleidsverantwoordelijken. Elke ochtend starten wij aan onze werkdag, vol onzekerheden over het verloop van deze dag, om daarna naar ons gezin thuis te vertrekken en daar nog de nodige zorgen voor ons gezin op ons te nemen.

Wij zijn die hulpverleners die van onze mensen doosjes pralines krijgen, kaartjes krijgen met de boodschap "Bedankt voor alles", of wij zijn diegene die een knuffel krijgen op het einde van het gesprek. Deze dingen verwacht ik niet van de beleidsverantwoordelijken, maar ik ben wel een vragende partij voor meer respect, begrip en waardering voor de job die ik doe! Ik durf haast te zeggen dat ik hiervan bijna niets meer merk als ik de besparingsplannen doorneem.

Als ik rondom mij kijk zie ik dat collega's beginnen te breken onder de hoge werkdruk, zij worden pas laat vervangen waardoor de draagkracht van de andere hulpverleners stevig getest wordt.

Hoe ik ook wankel in mijn job als hulpverlener ik blijf toch hoop houden. Ondanks de besparingen, de onvrede bij de collega's alsook de mensen die bij ons komen.

Een CAW staat voor mij al meer dan 20 jaar voor:

  • Hulp bieden aan de meest kwetsbaren
  • Op pad gaan met de mensen die in de andere sectoren uit de boot vallen
  • Geloven in de kracht van eenieder en niet rusten totdat die verborgen energie om te veranderen aangeboord is
  • Er gewoon zijn voor zij die in de maatschappij hun stem niet kunnen laten horen
  • Samenwerken met andere diensten en elk vanuit de eigen expertise zoeken hoe we mensen vooruit krijgen
  • Inspelen op maatschappelijke evoluties door hen op te vangen die, door het steeds wijzigende welzijnslandschap en de wetgeving, de weg kwijt geraakt zijn
  • Los van politiek of geloofsovertuiging er zijn voor elke kwetsbare burger
  • Luisteren en door een integrale bril met mensen kijken wat nodig is
  • Hulpverleners die zich constant bijscholen en CAW-werking die worden bijgestuurd om tegemoet te komen aan de wijzigende cliëntennoden.
  • Medewerkers die zich met hart en ziel inzetten voor anderen

Maar helaas ook meer en meer opboksen tegen:

  • Een maatschappij waar leren niet langer mag ‘met vallen en opstaan’
  • Beleidsmakers die steeds minder geld uittrekken om de armoede effectief te bestrijden
  • Hulpverlenen wordt herleid tot ‘oplappen op korte termijn’ en tijd om mensen effectief een stapje hoger te krijgen wordt niet meer gegund
  • Keuze van het beleid voor kwantiteit in plaats van kwaliteit
  • Cliënten die in de kou komen te staan of niet zoveel steun krijgen als ze zouden nodig hebben omdat hulpverleners steeds meer moeten doen met minder middelen
  • Registratie en steeds meer administratie, … doordat het beleid dit belangrijker acht dan dat er tijd besteed wordt aan menselijke contacten
  • Ongeloof in de meerwaarde van presente hulpverleners, betrokken welzijnswerkers en wantrouwen van de beleidsmakers in CAW’s

Ik blijf echter geloven in ons CAW! We blijven hulpverleners die zich positief zullen inzetten voor elke kwetsbare burger.

Ik blijf ook dromen dat in onze maatschappij en in de agenda’s van de beleidsmakers de solidariteit en de zorg voor de zwaksten weer meer bovenaan zal geraken!

Medewerker Team Integraal Welzijnswerk –BIZ Limburg